Speciaal voor Sandra die dit zo'n mooi nummer vindt: een emotionele wals van Biagio, verborgen op het album "Vicky Love" uit 2007. Het nummer stamt al uit 1991, maar was nooit eerder vrijgegeven.
Ti guardo, ti sento, ti muovi,
Nostalgia, malinconia, fotografia.
Ti parlo, mi senti,
rispondi,
Hai messo già la bocca mia
sopra la tua.
Ero un po’ più bello
Tu sei senza età.
Strano il tuo cappello
L’hai lasciato qua.
Ti chiamo, non chiamo, vediamo,
adesso sei vicino a me, non lo sai,
ti bacio, mi baci,
ci amiamo
Tu sei qui
dentro una mia fotografia.
C’era un forte sole
Io cantavo già
Sognavamo quello
che adesso forse abbiamo già.
Ero un po’ più bello
Tu sei senza età.
Strano il tuo cappello
L’hai lasciato qua.
Ik kijk naar je, hoor je, je beweegt,
Nostalgie, melancholie, foto.
Ik praat met je, je hoort me,
je geeft antwoord,
Je hebt mijn mond al
op de jouwe gezet.
Ik was toen nog wat knapper
Jij bent leeftijdloos.
Vreemd jouw hoed
Je hebt ‘m hier gelaten.
Ik roep je, roep niet, we zien wel,
nu ben je dicht bij me, je weet het niet,
ik kus je, jij kust me,
we hebben elkaar lief.
Jij bent hier
op een van mijn foto’s.
Er was een brandende zon
Ik zong al
We droomden van iets
wat we nu misschien al hebben.
Ik was toen nog wat knapper
Jij bent leeftijdloos.
Vreemd jouw hoed
Je hebt ‘m hier gelaten.
Onderstaande vertaling is voor Nancy. Weer een mooi nummer van Biagio, ik heb een live versie gepakt. De eerste regel van het liedje is Spaans, geeft denk ik een indicatie waar degene voor wie de tekst is geschreven zich bevindt.
Oye, como va
ha smesso quel bel vento
considera che in me
è primavera da mezz’ora
il cielo ha una porta sola
Hai smesso di far male
ai tuoi fragili pensieri
hai cominciato a fare pace
con te stessa tu
e vivi tutto sempre in ombra
Tu mi piaci
tu mi dici
non sono in grado di amarti
come vuoi
Scriverti da qui
che è anche terra tua
è come farti respirare
quello che respiro
la nave bianca d’ogni ora
Tu mi piaci
tu mi dici
non meriti
la parte mia peggiore no,
tu no
E non è per farti fretta
e non è per la distanza
tutto vivo e vive senza te
Io ti scrivo per sentire
io ti scrivo senza tempo
potrei anche non ricevere
Che quello che io sento di te è forte
quello che io sento di te
è sempre che tu…
mi piaci… tu mi dici
non sono in grado di amarti
Lì che tempo fa
tu sarai già al mare
prenditi il tuo tempo
e non sentirti in colpa mai
la volontà decide ancora
Tu mi piaci
tu mi dici
il cielo ha una porta sola
tu mi piaci
tu mi dici
il cielo ha una porta sola,
aprila, aprila
Hey, hoe gaat het
die fijne wind is gaan liggen
weet maar dat een half uur geleden
de lente in mij is aangebroken
de hemel heeft maar één poort
Je bent gestopt met het pijnigen
van je broze gedachten
je bent begonnen vrede te sluiten met jezelf
zelfs jij
en je beleeft alles steeds in de schaduw
Ik vind jou leuk
jij zegt mij
ik ben niet in staat om van je houden
zoals jij dat wil
Hiervandaan schrijf ik je
vanuit dit land dat ook het jouwe is
het is als jou laten inademen
wat ik adem
het witte schip van elk uur
Ik vind jou leuk
jij zegt mij
jij verdient
het slechtste deel van mij niet, nee
jij niet
En het is niet omdat ik je wil haasten
en het komt niet door de afstand
ik leef en alles leeft zonder jou
Ik schrijf je zodat ik wat van je hoor
ik schrijf je zonder tijd
Ik zou zelfs niets terug kunnen krijgen
Want wat ik voel voor jou is sterk
wat ik voel voor jou is nog steeds
dat ik…
jou leuk vind ..jij zegt me
ik ben niet in staat om van je houden
Hoe is het weer daar?
je zult wel al aan zee zijn
neem je tijd maar
en voel je nooit schuldig
de wil is nog steeds degene die beslist
Ik vind jou leuk
jij zegt mij
de hemel heeft maar één poort
ik vind jou leuk
jij zegt mij
de hemel heeft maar één poort,
open ‘m, open ‘m
Speciaal voor Sandra die dit nummer op vakantie hoorde en er meteen weg van was.
De crème de la crème van de Italiaanse popmuziek verzamelde zich om dit mooie lied te maken als fondswerving voor de aardbevingslachtoffers van l'Aquila in de regio Abruzzo. De tekst is van Mauro Pagani en 56 artiesten werkten eraan mee. In de tekst zit een stukje Zuid-Italiaans dialect (cursief), ik hoop dat ik 'm goed gevat heb, aanvullingen zijn welkom! Er zitten een aantal verwijzingen in de tekst naar de geografische/historische locatie van het aardbevingsgbied met name in de tweede alinea (tra le nuvole e il mare, maestrale, stazione di posta, straccio di stella)
Tra le nuvole e i sassi
passano i sogni di tutti
passa il sole ogni giorno
senza mai tardare.
Dove sarò domani?
Dove sarò?
Tra le nuvole e il mare
c’è una stazione di posta
uno straccio di stella
messa lì a consolare
sul sentiero infinito
del maestrale.
Day by day
Day by day
hold me, shine on me
shine on me.
Day by day, save me,
shine on me.
Ma domani, domani,
domani, lo so.
Lo so che si passa il confine
e di nuovo la vita
sembra fatta per te
e comincia domani
domani è già qui.
Estraggo un foglio
nella risma nascosto
scrivo e non riesco
forse perché il sisma
m’ha scosso.
Ogni vita che salvi,
ogni pietra che poggi,
fa pensare a domani
ma puoi farlo solo oggi
E la vita la vita
si fa grande così
e comincia domani.
Tra le nuvole e il mare
si può fare e rifare
con un pò di fortuna
si può dimenticare.
Dove sarò domani?
Dove sarò?
oh oh oh
Dove sarò domani
che ne sarà
dei miei sogni infranti,
dei miei piani.
Dove sarò domani,
tendimi le mani, tendimi le mani.
Tra le nuvole e il mare
si può andare e andare
sulla scia delle navi
di là del temporale
e qualche volta si vede domani
una luce di prua
e qualcuno grida: Domani.
Come l’aquila che vola
libera tra il cielo e i sassi
siamo sempre diversi
e siamo sempre gli stessi
hai fatto il massimo
e il massimo non è bastato
e non sapevi piangere
e adesso
che hai imparato
non bastano le lacrime
ad impastare il calcestruzzo
eccoci qua
cittadini d’Abruzzo
e aumentano d’intensità
le lampadine una frazione
di secondo prima della fine
e la tua mamma,
la tua patria
da ricostruire, comu le scole, le case
e specialmente lu core
e puru nu postu cu facimu l’amore.
Non siamo così soli
a fare castelli in aria
non siamo così soli
sulla stessa barca
non siamo così soli
a fare castelli in aria
non siamo così soli
a stare bene in Italia
sulla stessa barca
a immaginare un nuovo giorno
in Italia.
Tra le nuvole e il mare
si può andare, andare.
Sulla scia delle navi
di là dal temporale.
Qualche volta si vede
una luce di prua
e qualcuno grida, domani.
Non siamo così soli!
Domani è già qui
Domani è già qui
Ma domani domani,
domani lo so,
lo so, che si passa il confine
E di nuovo la vita
sembra fatta per te
e comincia domani.
Tra le nuvole e il mare,
si può fare e rifare.
Con un pò di fortuna
si può dimenticare.
E di nuovo la vita,
sembra fatta per te.
E comincia domani.
E domani domani, domani lo so.
Lo so che si passa il confine.
E di nuovo la vita
sembra fatta per te.
E comincia domani.
Domani è già qui.
Tussen de wolken en de stenen
gaan de dromen van iedereen
de zon komt elke dag voorbij
zonder ooit te laat te komen.
Waar zal ik morgen zijn?
Waar zal ik zijn?
Tussen de wolken en de zee
bevindt zich een rusthalte
een stukje ster
daar neergelegd als troost
op het eindeloze pad
van de mistral.
Day by day
Day by day
hold me, shine on me
shine on me.
Day by day, save me,
shine on me.
Maar morgen, morgen,
morgen, ik weet het.
Ik weet dat we er over heen komen
en dat het leven opnieuw
voor jou gemaakt lijkt te zijn
en het begint morgen
morgen is al hier.
Ik haal een vel papier tevoorschijn
verborgen in z’n stapel
ik schrijf en durf het niet
wellicht omdat de aardbeving
mij geschokt heeft.
Elk leven dat je redt,
elke steen die je opzij schuift,
doet denken aan morgen
maar alleen vandaag kun je dat doen.
En het leven, het leven
wordt groots op deze manier
en het begint morgen.
Tussen de wolken en de zee
kunnen we maken en opnieuw maken
met een beetje geluk
kunnen we het vergeten.
Waar zal ik morgen zijn?
Waar zal ik zijn?
oh oh oh
Waar zal ik morgen zijn?
wat zal er over zijn
van mijn gebroken dromen
van mijn plannen.
Waar zal ik morgen zijn,
strek m’n handen uit, strek m’n handen uit.
Tussen de wolken en de zee
kunnen we gaan en gaan
over de kielzog van de schepen
de storm voorbij
en af en toe zien we morgen
een licht op het voorsteven
en iemand roept: Morgen.
Net als de arend die vliegt
vrij tussen de hemel en de stenen
zijn we steeds anders
en steeds dezelfden
je hebt alles gedaan wat je kon
en alles was niet genoeg
en huilen kon je niet
en nu
dat je dat geleerd hebt
zijn tranen niet meer voldoende
om het beton weer vast te lijmen
kijk ons hier nu eens,
inwoners van Abruzzo
en de gloeilampen schijnen
een fractie van een seconde voor het einde
even iets sterker
en jouw mamma,
jouw vaderland
dat opnieuw opgebouwd moet worden,
zoals de scholen, de huizen
en vooral het hart
en zeker ook de plekken waar we vreeën.
Zo alleen zijn we toch niet
bij het bouwen van kastelen in de lucht
zo alleen zijn we niet
in dezelfde schuit
zo alleen zijn we niet
bij het bouwen van kastelen in de lucht
zo alleen zijn we niet
om het goed te hebben in Italië
in dezelfde schuit
als we ons een nieuwe dag voorstellen
in Italië.
Tussen de wolken en de zee
kunnen we gaan, gaan.
Over de kielzog van de schepen
de storm voorbij.
Af en toe zien we
een licht op het voorsteven
en iemand roept: Morgen.
Zo alleen zijn we toch niet!
Vandaag is al hier
Vandaag is al hier
Maar morgen morgen,
morgen ik weet het,
ik weet dat we er over heen komen
En dat het leven opnieuw
voor jou gemaakt lijkt te zijn
en het begint morgen.
Tussen de wolken en de zee,
kunnen we maken en opnieuw maken.
Met een beetje geluk
kunnen we het vergeten.
En opnieuw lijkt het leven
voor jou gemaakt zijn.
En het begint morgen.
En morgen morgen, morgen ik weet het.
Ik weet dat we er over heen komen.
En opnieuw lijkt het leven
voor jou gemaakt zijn.
En het begint morgen.
Vandaag is al hier.